Het vertrek van een broer

vrijdag, september 22nd, 2017

Zijn voorhoofd glom in lentezon
er was geen ontkennen aan: de dood
stond er met zwarte letters op geschreven

zijn vingers, knokig van het knokken
tegen schaduwbeelden in zijn harde kop,
klampten zich als grauwe pastinaken
aan zijn nachthemd vast waarin geen zakken zaten

rond het bed: zijn pijp, zijn mes,
de jas die de kamer reeds lang niet meer verlaten had
ik had hem om de brief gevraagd, zijn lippen vormden woorden
ik wuifde zijn bezwaren weg, niemand die het hoorde

zijn kin die langzaam zakte op de smalle borst
het gerochel uit zijn bleek gelaat
de mond vol bellenblaas en ik die het zo liet
die wist van brief, van broer en oud verraad
en wegsloop als een dief uit een naargeestig rovershol

23.

maandag, oktober 24th, 2016

Gedachteloze dagen volgden
een vrouw op een brug
alles hield op te bestaan
en de wind waaide
het water stroomde
regenwormen ploegden zich door
de bewegende aarde
vogels maakten nesten
mensen sloten vriendschappen
of begonnen een oorlog om niets
om macht, om eer, om bodemstoffen

de aarde draaide, de zon scheen of
de maan, kinderen werden ziek en
herstelden, brood werd gebakken
monden gevoed
het vuur laaide en doofde
kortom alles hield op
en ging door waar het mee bezig was
zoals het hoorde

een vrouw bleef achter
op een brug, telde de nerven
in haar hersenen
telde er elke dag wat minder
wat niet gaf, want ze vergat
het aantal van de dag ervoor
en ook dat was niet zo erg

De bijen

donderdag, augustus 27th, 2015

Wij waren meisjes

wij konden alles worden

 

we droomden van zwarte paarden

van een eigen bureau met laatjes

we hinkelden door kantoren

aten ongewassen druiven

 

we zagen reeën, het goud

viel van hun ruggen

en alleen wij konden dat horen

 

wij waren alles

zouden iemand worden

personen met agenda’s en ideeën

met een huisje van koek in ons eigen bos

 

we stalen kleine dingen

die we best

konden betalen

 

de zomers waren lang en

we waren laat op straat

niemand zou ons kelen

 

er waren buurvrouwen en

bij de bakker kreeg je ongevraagd

het warme kapje in je hand

 

we vingen tussen bekers

bijen in springbalsemienen

ze zoemden hoog en daarna laag

ze waren niet kwaad als we ze lieten gaan

we droomden van zwarte paarden

in een wei vol paarse klavers

 

wij konden alles worden

Aan de zoon die ik nooit had

zaterdag, juni 14th, 2014

ik raap de galm
van je voorhoofd
uit je voeten scheur

ik de stegen
om je schouders
hang ik de nachten

voor jou wenk ik
vijfentwintig
zwaluwen om je

te vergezellen
op je smalle schip
en zeven maal vijftien

knopen leer ik je
knopen met je
ogen dicht

ik zet de aarde
nader rondom
jouw gezicht

god wat lijk je
op je vader

zaterdag, juni 16th, 2012

illustratie Annemiek van der Steen

Erard               
– renovatie –

Houten lichamen
herbergen klanken
wachten op een meester
die hen wakker maken kan

Sluimerende kasten
dragen de belofte van geluid
tranen waren er
om tegenslagen

Geduldig staan
in schemerdonker
rug aan rug
oude heren
in stille herinnering
aan wat was

Weblog van Annemiek van der Steen

Keuze van stadsdichter Ester Naomi Perquin

zaterdag, november 12th, 2011

Lees je

omdat je wacht?

Of wacht je

omdat je

nog niet

bent uitgelezen?

De letters

houden je

vast.

Nu kun je weg.

Bijna.

Nu echt.

Herdenk de stad

zaterdag, mei 14th, 2011

Hoe
Hoe kan het
Hoe kan het dat
Hoe kan het dat steeds weer
dat mensen steeds weer
dat mensen steeds weer mensen
dat zij toen
hier
hier in deze stad
dat zij toen steeds weer
hier in deze stad deze lichte stad
die toen
steeds weer
deze donkere lichte stad
bange verbrande stad
dat mensen hier
toen in de donkere stad
rennende mensen
rennend in het volle donker
dat toen de volle donkere stad
dat toen
het donker zonder mensen
steeds de stad
de vallende stad
steeds weer

nu
de lichte stad
de stad
tussen rivieren
en singels
waarin wij zorgen
waarin wij mensen zorgen
waarin het niet zo zijn kan
niet zo zijn kan dat
onze lichte stad
waar altijd het licht
waar altijd het licht het donker
waar altijd wij het licht
waar mensen
wij
hier
nu
altijd het licht

voordracht ter gelegenheid van de dodenherdenking op 4 mei in de Sint Laurenskerk en tijdens de kranslegging te Rotterdam

Handen

zondag, februari 20th, 2011

De handen uit mijn klas
ze grijpen ze wijzen
ze slaan me ze stompen
ze houden me vast
ze duwen ze trekken
ze scheuren mijn jas

De handen van mijn moeder
ze aaien mijn haren
ze houden me vast
ze bellen naar school
ze naaien mijn jas
ze dragen mij naar bed

ze blazen een kus

ze doen het licht uit

Ik doe mijn handen voor mijn ogen
Gelukkig
Morgen is het zaterdag

Uit: BB-Denkt. BoekieBoekie i.s.m. Singer Laren museum
Geïnspireerd op het beeld van Twee handen gemaakt door Auguste Rodin in 1910

Het waait

donderdag, december 9th, 2010

Ik dacht altijd dat ik
een huis wilde aan het strand
ik at aan een tafel van wrakhout
met mijn mes peuterde ik
moeiteloos de schelpen open
ik ving regenwater op in een verweerde ton
van aangespoelde planken
maakte ik dat huis waar
altijd mensen zouden komen
en eten was er voor iedereen genoeg
ik zou vroeg wakker worden en vele,
vele verhalen vertellen aan kinderen
van vrienden
ik dacht dat de zee mij rust zou brengen
het water, de deining, het zout in de lucht
de schepen die ik van verre onderscheidde
ik zou goed knopen kunnen leggen
de getijden en de wolken kunnen lezen
vissen schoonmaken aan die tafel
vis voor vrienden
veel vis

Sterk

dinsdag, april 1st, 2008

Zij heeft het ijzergehalte van een man
loopt met de handen in de zakken
de voeten schoppen zich vooruit
en wanneer zij spreekt
met welluidend stemgeluid
schrikken daar soms kinderen van

Toch zou ook zij zo graag
in kleine korte jurkjes
uitdagend kirren bij de Spaanse trappen
lonken naar smetteloze matrozenpakken
in plaats van daar
haar schouders op te halen
haar caffé ristretto in een teug
achterover te slaan en
met een tandenstoker in de mond
de Corriere della Sera uit haar kontzak te betalen

Uit: Het Liegend Konijn,  editie april 2008